Netwerksubsidie

  • Efficiëntere en doelmatigere uitvoering
  • Vermindering administratieve lasten
  • Meer (politieke) legitimatie van het project
  • Afhankelijkheid penvoerder
  • Weinig grip op de interne verhouding tussen deelnemers
  • Deelnemers zijn erg van elkaar afhankelijk

B. Wanneer wordt de netwerksubsidie gebruikt?

De netwerksubsidie kan om verschillende redenen worden gebruikt. Deze redenen zijn verschillend van aard: sommige zijn juridisch, andere juist politiek, economisch of psychologisch. De belangrijkste en meest genoemde redenen worden hier behandeld.

Bevorderen (duurzame) samenwerking

De netwerksubsidie wordt vaak ingezet wanneer de overheidsorganisatie samenwerking met de overheid of tussen ontvangers wil bevorderen en/of ondersteunen. Zo kan er voor worden gekozen om op terreinen waarbinnen de overheidsorganisatie samenwerking wil stimuleren, netwerken te subsidiëren in plaats van, of naast de klassieke één op één subsidies. Op deze manier worden potentiële subsidieontvangers ertoe aangezet om partners te zoeken, waardoor een groter netwerk ontstaat waarin (wellicht ook duurzaam) wordt samengewerkt. Een voorbeeld zijn internationale ontwikkelingsprojecten waarin wordt samengewerkt met buitenlandse, lokale partners. Samenwerking kan leiden tot goedkopere, effectievere of meer duurzame resultaten.

Delen van kennis en innovatie

Wanneer een project specifieke kennis vereist en deze kennis is verspreid over verschillende disciplines of partners kan de netwerksubsidie een uitkomst bieden. De netwerksubsidie biedt de mogelijkheid voor kennisoverdracht en –deling doordat partners direct met elkaar samenwerken in een netwerkverband. In plaats van partijen onafhankelijk van elkaar te subsidiëren, kan via een netwerk kennis en kunde worden gebundeld. Dit kan op zichzelf weer leiden tot nieuwe ontwikkelingen en innovatie. Hiervan is bijvoorbeeld sprake bij subsidies die zijn toegespitst op ‘triple helix’-samenwerking tussen één of meerdere overheidsorganisaties, onderzoeksinstellingen en bedrijven.

Beleidsontwikkeling of prestatiegericht werken

De netwerksubsidie kan ook een uitkomst bieden wanneer de overheidsorganisatie wel weet dát er iets moet gebeuren, maar nog niet weet hoe een project of een oplossing concreet vorm moet krijgen. Ook komt het voor dat zij meent dat zij niet eenzijdig het project of de oplossing moet bepalen. Als het vinden van een oplossing van ‘buiten’ moet komen, is het aan te raden ook het instrument de publieke prijsvraag te bekijken.

Een voorbeeld kan het in deze situatie gebruik maken van de netwerksubsidie verduidelijken. Een overheidsorganisatie wil graag een natuurgebied verder ontwikkelen, maar de concrete plannen moeten nog worden opgesteld. Wanneer de overheidsorganisatie daarvoor een netwerk subsidieert met daarin verschillende stakeholders (natuurbeschermingsorganisaties, burgerinitiatieven enz.), kunnen de deelnemers in het samenwerkingsverband hun ideeën en wensen op elkaar afstemmen en elkaar aanvullen. Zij kunnen ook samen worden ingezet voor de uitvoering van de plannen om zo tot de (beste of breed gedragen) ontwikkeling van het natuurgebied te komen. Zo kan bijvoorbeeld partij A wandel- en ruiterpaden aanleggen, partij B een kenniscentrum opzetten en partij C biologische groeten- en fruit verbouwen met hulp van werknemers met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Risicospreiding

Ook als het aankomt op risicospreiding kan de netwerksubsidie worden ingezet. Zo kan een project te groot zijn om aan een kleine partij te worden toegewezen; dan zijn er al snel organisatorische- en productierisico’s. Toch kan het wenselijk zijn een kleine partij bij de vormgeving of uitvoering van een project te betrekken, bijvoorbeeld vanwege specifieke expertise of draagvlak. Als de overheid een groot belang hecht aan de uitvoering van een gesubsidieerd project maakt zij zich ook erg afhankelijk van de enkelvoudige subsidieontvanger, als die niet levert ligt het gehele project stil. Door projecten in een netwerk te subsidiëren kun je risico’s van afhaken of niet kunnen leveren door de subsidieontvangers beperken; er blijven altijd subsidieontvangers over in het netwerk die het project verder kunnen uitvoeren c.q. wel kunnen leveren.

Gelijkwaardige samenwerking met maatschappelijke partijen

Als behoefte is aan een gelijkwaardige samenwerking tussen overheid en particuliere organisaties kan de netwerksubsidie, waarin de overheidsorganisatie in het samenwerkingsverband meewerkt, uitkomst bieden. Dan is de overheidsorganisatie een van de samenwerkende partijen. Dit wordt in de praktijk vaak ervaren als een gelijkwaardige c.q. meer horizontale verhouding tussen partijen. Die past bij de nieuwe rol die veel overheden voor zichzelf zien weggelegd: als facilitator en ondersteuner van maatschappelijke ontwikkelingen. Klik hier voor meer informatie over eventuele risico’s.

In zo’n geval kan het samenwerkingsverband bestaan uit heel verschillende partners. Denk bijvoorbeeld aan andere overheidsorganisaties, afgevaardigden uit het maatschappelijk middenveld, burgerinitiatieven, sociale ondernemingen en het bedrijfsleven. Door onderdeel van het samenwerkingsverband te zijn, of het samenwerkingsverband te faciliteren wordt aangesloten bij wat er ‘in het veld’ speelt. [Klik hier voor meer informatie over de verschillende rollen die de overheidsorganisatie kan innemen in de netwerksubsidie]