Revolverend fonds

  • Efficiëntie
  • Stimuleren van verdienmodellen
  • Ervaring en expertise
  • Imago
  • Zakelijkheid
  • Duur en complex

G.    Stappenplan voor het gebruiken van het instrument revolverend fonds

Er moeten verschillende stappen worden genomen wil het instrument revolverend fonds ingezet kunnen worden. Deze stappen zijn hieronder grofweg weergegeven. 

1.    Onderzoek of het fonds het juiste instrument is

Het is belangrijk dat het fonds een passend instrument is voor de beleidsdoelstellingen die behaald moeten worden. Om erachter te komen of het fonds het juiste financieringsinstrument is, kunt u meer lezen over wanneer het instrument revolverend fonds gebruikt wordt, de voordelen van het instrument revolverend fonds, de nadelen van het instrument revolverend fonds, en de risico’s van het instrument revolverend fonds. Wij raden u aan ook andere instrumenten te bekijken zodat u tot een goede afweging kunt komen. 

2.    Onderzoek wanneer van welk orgaan beslissingen nodig zijn

Bij het oprichten van een revolverend fonds is een rol weggelegd voor zowel de volksvertegenwoordiging als het bestuur. Het is belangrijk van tevoren te weten wanneer deze twee organen zich waar over moeten buigen. Op deze manier kan het fonds zo effectief mogelijk volgens de regels worden opgericht.

3.    Kies een rechtspersoon en richt deze op

Het fonds moet, wil het op afstand van de overheidsorganisatie kunnen staan, worden ondergebracht in een aparte rechtspersoon. Er bestaan verschillende soorten rechtspersonen en ondernemingsrechtelijke structuren, waarvan er een aantal interessant is voor het instrument revolverend fonds. Klik hier voor meer informatie. 

4.    Besteed het fondsbeheer aan

De opdracht tot het beheren van het revolverend fonds valt hoogstwaarschijnlijk onder de aanbestedingsregels. Dat betekent dat het fondsbeheer aanbesteed moet worden. Het fondsbeheer kan vaak worden inbesteed door de opdracht te verlenen aan de regionale ontwikkelingsmaatschappij. Klik hier voor meer informatie. 

5.    Maak een investeringsreglement of subsidieregeling

Het is belangrijk dat de voorwaarden voor het in aanmerking komen van financiering transparant en objectief zijn. Dit kan o.a. door het maken van een subsidieregeling of een investeringsreglement (klik hier voor meer informatie over bestuursrecht of privaatrecht). Ook kunnen andere zaken in dit document worden opgenomen, zie daarvoor de checklist.

6.    Checklist

Er zijn verschillende organisatorische of inhoudelijke kaders die gesteld moeten of kunnen worden bij de oprichting van een revolverend fonds. Deze zijn grofweg onder te verdelen in inhoudelijke, financiële en organisatorische kaders. Een aantal wordt hieronder kort toegelicht. Soms moeten de kaders worden opgenomen in één specifiek document, soms kan er gekozen worden tussen verschillende documenten, bijvoorbeeld de statuten van de rechtspersoon, de reglementen voor de raad van commissarissen en de investeringscommissie, de beheersovereenkomst tussen de overheidsorganisatie en de fondsbeheerder en het investeringsreglement of de subsidieregeling.

Inhoudelijke kaders

De inhoudelijke kaders moeten in ieder geval een plek krijgen in de subsidieregeling of het investeringsreglement, zodat potentiële ontvangers kunnen kijken of hun projecten mogelijk gefinancierd kunnen worden. 

  • Beleidsterrein en beleidsdoelstelling: het is verstandig het beleidsterrein en de beleidsdoelstelling goed te omschrijven. Dit is belangrijk omdat er enerzijds voldoende (beleids)ruimte moet zijn om verschillende projecten te financieren maar anderzijds de financieringen wel moeten bijdragen aan het doel dat de overheidsorganisatie voor ogen heeft. 
  • Projecten: het soort projecten dat gefinancierd kan worden moet ook duidelijk zijn. Dit kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld door het soort projecten te omschrijven of door voorbeelden te geven. Dit kan limitatief (geen projecten die niet worden omschreven) of juist niet. Ook kunnen soorten projecten worden omschreven of voorbeelden worden gegeven van projecten die juist níet gefinancierd kunnen worden. 
  • Gebied: veel decentrale overheidsorganisaties bepalen dat alleen, of in ieder geval ten dele, projecten gefinancierd kunnen worden die op de een of andere manier een band hebben met het gebied waar de overheidsorganisatie over gaat. Het is verstandig op te schrijven hoe die band eruit moet zien. 

Financiële kaders

De meeste van deze kaders zullen in ieder geval een plek krijgen in de beheersovereenkomst. De vormen van financieringsbijdrage moeten ook worden opgenomen in de subsidieregeling of het investeringsreglement. 

  • Maximale omvang van een fonds: de totale grootte van het fondskapitaal moet duidelijk zijn. 
  • Mate van revolverendheid: er zijn verschillende gradaties van revolverendheid. Het fondskapitaal kan groeien (rendement), het fondskapitaal kan hetzelfde blijven (nominaal) of het kan ten dele revolveren. Bij rendement en een gedeeltelijke revolverendheid is het verstandig te formuluren hoe groot de groei of krimp mag zijn. Daarnaast kan in de mate van revolverendheid wel of geen rekening worden gehouden met inflatie en/of beheerskosten. 
  • Hefboomwerking: het is vaak de ambitie met de financiering vanuit het revolverend fonds, ook private middelen aan te trekken. Dit wordt de hefboomwerking of het multiplier effect genoemd. Als deze ambitie bestaat, is het goed dit te concretiseren tot een meetbaar getal. 
  • Beheerkosten: de beloning voor de fondsbeheerder moet bepaald worden. Een marktconforme vergoeding welke niet bovenmatig is en een goede incentive geeft voor een proactief en prudent fondsmanagement wordt geadviseerd. Dit is bijvoorbeeld te bereiken door een performance fee of een verplichting tot medeparticipatie. Dat laatste betekent dat de fondsbeheerder ook eigen vermogen in het fonds heeft zitten. 
  • Vormen van financieringsbijdrage: de verschillende vormen van financiering die het fonds ter beschikking heeft moeten duidelijk zijn. De mogelijkheden zijn (grofweg): geldbedragen à fonds perdu, (achtergestelde) (converteerbare) leningen, garantstellingen, aandelenparticipaties en fonds-in-fondsbijdragen. 

Organisatorische kaders

Er kunnen talloze organisatorische kaders worden gesteld. Het is zaak een balans te vinden tussen het stellen van het kaders en het overlaten aan de fondsbeheerder. Deze kaders kunnen in verschillende documenten een plek krijgen, afhankelijk van de wensen van partijen en het revolverend fonds dat wordt opgericht. 

  • Organisatie: het kan wenselijk zijn dat de taakomschrijving van en verhouding tussen verschillende organen en organisaties zijn beschreven, bijvoorbeeld van de investeringscommissie, de investment managers, het bestuur en de raad van commissarissen. Ook kan worden vastgelegd dat voor sommige beslissingen toestemming nodig is van bepaalde organen. Daarnaast kan de zeggenschap bij benoemingen worden bepaald.
  • Aanvraag- en beoordelingsprocedure: het kan wenselijk zijn de aanvraag- en beoordelingsprocedure te uniformeren. Op deze manier kunnen bijvoorbeeld de rechtsgelijkheid tussen en de objectieve behandeling van potentiële ontvangers worden gewaarborgd en kunnen verschillende regels, bijvoorbeeld de integriteitsbeoordeling uit de Wet bibob of de staatssteuncheck, een plek krijgen. 
  • Rechtsbescherming: afhankelijk van of de financieringsbijdragen subsidies in de zin van de Awb zijn (klik hier voor meer informatie), moet er een bezwaarprocedure worden ingericht en eventueel een bezwaaradviescommissie worden ingesteld. Zijn de financieringsbijdragen geen subsidies, dan is het niet verplicht maar vanuit de gedachte van rechtsbescherming wel wenselijk een soort klachtprocedure of mogelijkheid van een second opinion in te richten. Altijd kan bij de civiele rechter een procedure worden gestart.
  • Informatievoorziening en verantwoording: informatievoorziening tussen en verantwoording van de fondsbeheerder aan de overheidsorganisatie, en binnen de overheidsorganisatie van het bestuur aan de volksvertegenwoordiging, moet voldoen aan duidelijke eisen. Bij de verantwoording is onder andere van belang: 
    • De frequentie, bijvoorbeeld jaarlijks of per kwartaal
    • Het moment, bijvoorbeeld op het moment van publicatie van het jaarverslag of in de normale P&C-cyclus (klik hier voor meer informatie)
    • De wijze, bijvoorbeeld schriftelijk of mondeling. Werkbezoeken of technische briefings lijken goed te werken in aanvulling op meer formele verantwoording. 
    • De onderwerpen, waarbij consistentie belangrijk is voor vergelijking en evaluatie en er een duidelijk verband moet bestaan met de beleidsdoelstellingen. Het werken met kritische prestatie-indicatoren (kpi’s) kan hier waardevol zijn. 
  • Evaluatie: evaluaties zijn nodig en zijn zelfs verplicht (art. 4:24 Awb) als de financieringsbijdragen subsidies zijn in de zin van de Awb (klik hier voor meer informatie). Het is verstandig vast te leggen hoe vaak het fonds moet worden geëvalueerd en welke aspecten van het fonds moeten worden geëvalueerd. 
  • Informatieverwerking: op basis van de Wet openbaarheid van bestuur en/of de Wet bescherming persoonsgegevens kunnen verschillende eisen gelden voor de verwerking, bescherming en publicatie van informatie. Het kan verstandig zijn deze eisen op te nemen in één van de documenten. 
  • Transparantie: op basis van verschillende regels en beginselen is een mate van transparantie wenselijk of zelfs verplicht. Klik voor meer informatie over de verplichtingen die volgen uit het staatssteunrecht of uit het subsidierecht. Mochten deze verplichtingen niet gelden, kunnen zij wel ter inspiratie dienen.